27 augustus 2009
Nederland heeft groen licht gekregen van de Europese Unie voor het introduceren van een nieuw belastingregime voor groepsfinancieringsactiviteiten. Dit nieuwe regime komt neer op 5% belastingheffing over de opbrengsten van bepaalde groepsfinancieringsactiviteiten. Dit nieuwe regime wordt aangeduid als de "Groep Rente Box" (hierna: "GRB").
Op 8 juli 2009 heeft de Europese Commissie goedkeuring gegeven voor het nieuwe Nederlandse GRB regime. Dezelfde dag heeft het Ministerie van Financiën aangekondigd dat op korte termijn een nieuw wetsvoorstel volgt om het nieuwe regime te introduceren. De tekst is per vandaag nog niet gepubliceerd.
Status van het wetgevingsproces - inwerkingtreding
Het GRB regime is al opgenomen in de Nederlandse Wet op de Vennootschapsbelasting 2007 (artikel 12c Vpb) maar de inwerkingtreding is uitgesteld tot goedkeuring van de Europese Commissie is ontvangen.
Op 15 juni 2008 heeft het Ministerie van Financiën een document gepubliceerd met een aantal mogelijke wijzigingen van de vennootschapsbelasting met ingang van 2010. Het publiek is uitgenodigd om op uiterlijk 1 Augustus op dit document te reageren. De voorgestelde wijzigingen hebben betrekking op onder andere het GRB regime.
De verwachting is dat het wetsvoorstel in de tweede helft van 2009 wordt ingediend en dat het GRB regime op zijn vroegst in 2010 in werking zal treden.
Hoofdpunten van de nieuwe Groep Rente Box Regime
De uiteindelijke tekst van de wetgeving inzake het GRB regime is nog onzeker, maar van de in 2007 voorgestelde (maar uitgestelde) wetgeving en het in 2008 gepubliceerde consultatiedocument kan worden afgeleid dat het GRB regime waarschijnlijk de volgende contouren zal hebben:
Sinds 2003 heeft de Nederlandse overheid diverse maatregelen ingevoerd om het belastingklimaat in Nederland te verbeteren voor buitenlandse investeerders. Dit behelsde onder andere:
Toen het GRB regime in 2007 werd ingevoerd had menigeen niet verwacht dat het GRB regime ooit zou worden ingevoerd. Terwijl echter de meeste Europese landen met bijzondere belastingregimes voor groepsfinancieringsactiviteiten (zoals Ierland, en Luxemburg) worden gedwongen door de Europese Unie om hun "bijzondere belastingregimes" af te schaffen voor het eind van 2010, lijkt het erop dat Nederland een gat in het net heeft gevonden. Door het nieuwe stelsel algemene gelding te geven en door handhaving van het normale belastingtarief, krijgt Nederland een aantrekkelijk klimaat voor financieringsactiviteiten zonder in conflict te komen met de Europese grondbeginselen en wetgeving. En waarom niet; in feite is de Nederlandse overheid kennelijk bereid om een korting te geven op de vennootschapsbelasting welke geheven wordt over de inkomsten uit groepsfinancieringsactiviteiten welke in essentie een (80%) belastingvoordeel kan opleveren voor alle partijen die zulke activiteiten willen uitvoeren in Nederland. Het feit dat het GRB regime tot een lager effectief belastingtarief leidt dan dat van andere Europese lidstaten (zoals Cyprus -10% - of Ierland 12,5%) is het gevolg van een politieke keuze van de Nederlandse overheid die nauwelijks betwist kan worden door de andere lidstaten. Ook zij hebben immers de vrijheid om in hun land de belastingdruk te reduceren voor groepsfinancieringsactiviteiten en het is hun politieke keuze om dit wel of niet te doen.
Het is de vraag wat dit nieuwe stelsel betekent voor het Nederlandse belastingklimaat.
Ten eerste zijn er de in Nederland gevestigde ondernemingen, waaronder een aantal multinationals. Zij kunnen hun Nederlandse dochterondernemingen met interne groepsleningen financieren, maar dit zal onder het GRB regime fiscaal neutraal verlopen; tegenover het voordeel om slechts 5% belasting te betalen over groepsfinancieringsopbrengsten, staat het nadeel dat de Nederlandse dochterondernemingen alleen belastingaftrek wordt toestaan over de overeenkomstige rentebetalingen tegen een belastingtarief van 5%. Maar voorzover het Nederlandse hoofdkantoor haar buitenlandse dochterondernemingen met interne groepsleningen financiert wordt het voordeel zichtbaar. Onder het huidige stelsel worden zulke renteopbrengsten belast tegen het normale tarief (20 -25,5% in 2009), onder het nieuwe stelsel is het effectieve belastingtarief maar 5%. In deze crisistijden zonder meer een welkom belastingvoordeel voor de Nederlandse ondernemer.
Het is redelijkerwijs ook te verwachten dat als het nieuwe stelsel van kracht wordt, Nederlandse ondernemingen hun buitenlandse groepsfinancieringsmaatschappijen verplaatsen naar Nederland en gaan streven naar maximale financiering van hun buitenlandse dochterondernemingen met interne groepsleningen.
Dan zijn er de buitenlands ondernemingen die veelal al groepsfinancieringsmaatschappijen hebben buiten hun eigen land in fiscaal aantrekkelijke landen zoals bijvoorbeeld Ierland, Luxemburg, Zwitserland of Cyprus. Het Nederlandse tarief van 5% is in het algemeen beter dan het tarief geboden door deze landen (ongeveer 10% en hoger). Als men dit tariefsvoordeel toevoegt aan de andere aantrekkelijke eigenschappen van het Nederlands vestigingsklimaat (onder andere de beschikbaarheid van hoog opgeleid en vakkundig personeel en de goede infrastructuur), dan valt te verwachten dat veel in het buitenland gevestigde ondernemingen hun groepsfinancieringsactiveiten verhuizen van de bestaande belastingparadijzen naar Nederland. Dit zal een klap zijn voor de klassieke belastingparadijzen, maar een overwinning voor een lid van de gemeenschap van "hoge belastingen".
Wij houden u uiteraard op de hoogte over de toekomstige ontwikkelingen met betrekking tot de implementatie van het GRB regime. Mocht u in de tussentijd nog vragen hebben over het nieuwe stelsel, of wenst u advies over uw persoonlijke situatie, of assistentie bij het verhuizen van de financiële activiteiten naar Nederland, dan kunt u contact opnemen met ons kantoor +31 10 -2010466 of via e-mail. U kunt ook rechtstreeks contact opnemen met:
Ton Smit
Telefoon: + 31 -10-2010470
Email:
ton.smit@taxci.nlUiteraard, bent u van harte welkom om ons kantoor te bezoeken.
We maken graag tijd voor u!